Home Publications Words Atelier Contact
Share via e-mail

Achtergrond info / Background information (NL only) - Over de auteur, Archim. Zacharias (Zacharou) en zijn geestelijke voorvaderen - oudvader Sophrony (Sacharov) en de heilige Silouan de Athoniet -

Biografie / Biography (in Dutch only):
Een korte levensbeschrijving van deze drie oudvaders, met download in PDF (free/gratis)


Page title & additional keywords:

BACKGROUND INFORMATION / ACHTERGRONDEN

Orthodox Klooster van de heilige Johannes de Doper / Orthodox Monastery of Saint John the Baptist,

Tolleshunt Knights (Maldon), Essex, Engeland / U.K.

> download PDF for free/ gratis


OVER DE AUTEUR: ARCHIM. ZACHARIAS

Archimandriet Zacharias Zacharou is monnik van het Klooster van de heilige Johannes de Doper te Tolleshunt Knights (Essex, Engeland), dat gesticht werd door oudvader Sophrony Sacharov. Als leerling en geestelijke zoon van de oudvader – die zelf weer een leerling was van de heilige Silouan de Athoniet, zowel als diens biograaf – is hij de officiële vertaler van de geschriften van oudvader Sophrony vanuit het Russich in het Grieks. In 1985 werd hij voor het klooster tot priester gewijd, waarbij hij tevens de taak ontving van geestelijke vader/biechtvader.

Hoewel oudvader Sophrony ervan overtuigd was dat de weg van het gebed de rijkste vruchten draagt, juist ook wanneer de mensen om een ‘woord’ vragen, moedigde hij verschillende van zijn monniken aan theologie te studeren, opdat zij de bezoekers van het klooster ook in dat opzicht zouden kunnen bijstaan. Aldus verwierf vader Zacharias verschillende academische graden in de Theologie: van het Instituut St. Serge in Parijs, en van de Universiteit van Thessaloniki, alwaar hij tevens de doctorstitel ontving voor zijn werk aangaande de theologie van zijn oudvader, in het Nederlands gepubliceerd als “Christus, onze Weg en ons Leven: Anaphora aan de theologie van oudvader Sophrony”.

Wereldwijd heeft hij vele voordrachten gegeven waarin hij dit onderricht nader uitwerkt, tevens toegepast op de situatie van zijn toehoorders: priesters, monniken, zowel als ‘gewone’ gelovigen. Een aantal van zijn voordrachten werd reeds verwerkt in verschillende uitgaven, waaronder “Weest ook gij uitgebreid”, “De verborgen mens des harten”, “Gedenk uw eerste liefde”, “De mens, Gods doelwit” en “Het zegelbeeld van Christus in het hart van de mens”. In 2011 ontving hij het eredoctoraat van St. Tikhon’s Orthodox Seminary voor zijn bijzondere bijdrage aan het geestelijk leven van de Orthodoxe Kerk in Amerika.

Zelf van Cypriotische afkomst, spreekt hij vloeiend Grieks, Engels, Frans en Russisch. En hij is nauw op de hoogte met de tradities van de Griekse en Russische liturgische praktijk.

Prof. Christopher Veniamin schreef over hem: “Archimandriet Zacharias is een getuigenis van de gouden draad der Traditie, overgedragen van generatie op generatie, daar zijn geschriften de inspiratie tonen die geboren wordt uit het onvervormde schouwen van Christus in heerlijkheid. En zoals hij met schijnbaar moeiteloos gemak aantoont, is het in de helderheid van dit schouwen, dat het goddelijk doel van de schepping van de mens wordt geopenbaard.”

+

BACKGROUND INFORMATION Achtergronden
On this page (NL only)

OUDVADER SOPHRONY (SACHAROV)

Archimandriet Sophrony werd geboren te Moskou, in 1896, uit Russische ouders. Hij studeerde in Moskou aan de Staatsschool der Schone Kunsten en wijdde zich met heel zijn wezen aan de schilderkunst.

Reeds op zeer jonge leeftijd had hij het licht van Gods Genade geschouwd, en hij werd beheerst door de dorst naar het Absolute. Doch de smartelijke gewaarwording van het tragische karakter van het menselijk ‘zijn’, leidde ertoe dat hij zich verwijderde van de Christelijke weg: Hij kon niet bevatten hoe het Absolute ‘Zijn’ vervat kon liggen in het Evangelische gebod der liefde, dat hij toentertijd (mis)verstond in aardse, psychologische zin. Hij werd aangetrokken door de filosofische theorie van de Oosterse religies, als logische oplossing voor het trieste schouwspel van de hartstochten en alle lijden. Doch na ongeveer acht jaar zoeken naar het zgn. ‘Onpersoonlijke Absolute’ (inclusief de beoefening van de transcendente meditatie), kwam hij plotseling te staan voor de Bijbelse tekst van de Sinaitische openbaring: “Ik ben de Zijnde” (aldus de Septuagint, Lxx Ex.3:14).

Toen besefte hij, verlicht door Gods genade, dat het Absolute en Beginloze ‘Zijn’ juist wel persoonlijk is: De Persoonlijke God, Die Zich voor het eerst openbaarde aan Mozes, en Die “in deze laatste dagen gesproken heeft… door [de Eniggeboren] Zoon” van God, Jezus Christus (cf. Hebr.1:1-2). Vanaf dat moment van persoonlijke ontmoeting met de waarlijk Zijnde, werd heel zijn wezen in beslag genomen door het Mysterie van de Persoonlijke God. En gedurende vele jaren beweende hij zijn ‘afvalligheid’ met een uiterste intense treurnis, in het besef van de hoge roeping van de mens, geschapen naar Gods beeld.

In 1922 was hij naar Parijs vertrokken, waar hij zijn succesvol debuut maakte met een aantal belangrijke exposities. En een tijdlang wedijverde zijn geestelijke dorst met zijn hartstocht voor de schilderkunst. Doch tenslotte koos hij voor de weg van het gebed. In 1925, na een korte periode van studie aan het Theologisch Instituut St. Serge te Parijs, vertrok hij naar de Heilige Berg Athos, alwaar hij in totaal 22 jaar lang het monastieke leven leidde.

Hij vestigde zich eerst in het Klooster van de Heilige Panteleimon. Daar maakte hij kennis met de heilige Silouan de Athoniet, met wie hij nauw verbonden raakte en in wiens persoon hij de authentieke dimensies van het Christelijk leven aanschouwde. Na het overlijden van zijn ‘starets’ (oudvader) trok hij zich terug in de Athonitische woestenij. Na enige tijd werd hem verzocht het geestelijk vaderschap op zich te nemen van verschillende kloosters en kleinere monastieke gemeenschappen, en in gehoorzaamheid aan een woord van de heilige Silouan aanvaardde hij deze taak.

In 1947 vertrok hij naar Frankrijk, alwaar hij de handschriften van de heilige Silouan publiceerde, die deze hem met dat doel had toevertrouwd. Daarbij voegde hij bovendien enkele biografische feiten, en een uitgebreide analyse van het onderricht van zijn Oudvader. (Het volledige werk, “De Heilige Silouan de Athoniet”, is inmiddels ook in het Nederland vertaald; verkrijgbaar via Orthodox Logos.)

Om gezondheidsredenen niet in staat terug te keren naar de Heilige Berg, verbleef hij een tijdlang in een Russisch tehuis voor ouderen, waar hij echter zijn monastieke en priesterlijke discipline bleef volgen, en bovendien allen die daarnaar verlangden onderrichtte. Aldus werden sommige ouderen tot het monnikschap aangetrokken. Ook verzamelde zich een groep jonge mensen om hem heen, die hem uiteindelijk verzochten voor hen een klooster te stichten. Zo werd in 1959 de gemeenschap gesticht in Tolleshunt Knights (Essex, Engeland), die zou uitgroeien tot het Patriarchaal Stavropegisch Klooster van de heilige Johannes de Doper.

Vervolgens wijdde hij zich meer dan dertig jaar lang aan de geestelijke zorg voor zijn naasten. Voor alles legde hij in zijn Klooster de nadruk op het Jezusgebed en het vieren van de Goddelijke Liturgie. Zijn rijke geestelijke ervaring deelde hij niet alleen met de ‘brethren’ van het klooster, maar tevens met een steeds groeiend aantal bezoekers, dat in hem een waarachtige geestelijke vader vond. Ook schreef hij nog verschillende boeken, waaronder zijn geestelijke autobiografie (in het Engels verkrijgbaar onder de titel “We Shall See Him As He Is”). Hij ontsliep in de Heer op 11 juli 1993.

+

Bovenstaande details zijn m.n. ontleend aan de
inleiding in “Christus, onze Weg en ons Leven

H. SILOUAN DE ATHONIET

De heilige Silouan werd geboren in 1866 uit vrome Russische ouders, in Rusland, in het dorp Shovsk (district Lebedinsk, provincie Tambov). Ondanks dit zegenrijke begin, ontsnapte hij niet aan de verzoekingen van de wereldse geest, noch aan de onachtzaamheid van de jeugd.

Hij was nog maar vier jaar oud, toen de woorden van een rondzwervende boekverkoper in hem de twijfel zaaiden aan het bestaan van God. Doch toen hij jaren later, als jongeman, vernam van het leven van een lokale heilige, Johannes Sezénov (+1839), hervond hij zijn geloof. Een tijdlang verbleef hij in een staat van voortdurende gedachtenis aan God, en hij bad onder tranen. Het was toen dat in zijn hart het verlangen geboren werd naar het monnikschap.

Zijn vader raadde hem echter aan nog wat te wachten en eerst zijn militaire dienst te vervullen. Doch na drie maanden verliet hem die ongewone staat van genade, en hij keerde terug tot de gebruikelijke leefwijze van de jeugd van zijn dorp, waarbij hij zelfs in twee zware zonden viel waarover hij zijn hele verdere leven zou weeklagen. Maar God, Die hem reeds eerder geroepen had en zijn dankbare trouw voorzag, riep hem nogmaals tot zich, ditmaal door een visioen: In zijn slaap zag hij een slang door zijn mond in zich binnenkruipen. Hij voelde een vreselijke afschuw en geschokt sprong hij op, waarop hij de stem hoorde van de Moeder Gods – vol van een buitengewone zoetheid en zachtmoedigheid – die tot hem zeide: “In uw droom hebt gij een slang ingeslikt, en dat was u weerzinwekkend. Evenzo is het ook voor mij niet aangenaam uw werken te zien.”

Tot het eind van zijn leven bleef hij haar dankbaar, dat zij hem niet verafschuwd had in zijn zondige staat, maar hem bezocht had om hem op te richten uit zijn val. Deze nieuwe roeping, vlak voor zijn militaire dienst, bepaalde op beslissende wijze heel het verdere verloop van zijn leven. Zijn diepe schaamte werd getransformeerd tot een uiterst krachtige en vurige bekering voor Gods aanschijn. Zelfs tijdens zijn diensttijd, die soepel verliep, verliet deze geest van bekering hem niet.

Gesterkt door de gebeden van de heilige Johannes van Kronstadt vertrok hij kort na zijn militaire dienst naar de Heilige Berg Athos. Hij werd aspirant-monnik in het Russische Klooster van de heilige Panteleimon en gaf zich met heel zijn ziel aan deze nieuwe leefwijze. Aldus ontving hij spoedig de grote genade van het onafgebroken gebed, doch in zijn onervarenheid leed hij zeer onder de aanvallen van de demonen. Toen hij tenslotte, vanuit de diepste wanhoop – waarin hij zelfs aan Gods barmhartigheid twijfelde – toch zijn kracht verzamelde en het korte Jezusgebed uitte, verscheen hem de Heer Zelf.

Ondanks de onuitwisbare herinnering aan die lichtstralende gebeurtenis, was hij niet in staat deze ‘eerste genade’ te bewaren. Vijftien jaar lang worstelde hij met de geestelijke vijanden, tot hij tenslotte door God Zelf onderricht werd in de nederigheid, met het woord “Houd uw geest in de hel, en wanhoop niet”. Hoe vreemd het ook lijkt, door dit woord behaalde hij de geestelijke overwinning. Hij leerde de weg te gaan van de grote Woestijnvaders en verwierf vergelijkbare genadegaven.

Zelfs na zijn dood is hij tot troost en steun van de gelovigen, niet in het minst door zijn geschriften, die door archimandriet Sophrony met grote zorg werden uitgegeven en inmiddels in vele talen zijn vertaald. Toen deze geschriften vergeleken werd met de heilige Simeon de Nieuwe Theoloog, antwoordde de heilige bisschop Nikolai Velimirovitch - wetend dat het woord van de heilige Simeon de mens soms tot wanhoop brengt door zijn hoogstaande visie: “Nee, nee. Hij is groter. Zijn woord is (altijd) genezend.”

De heilige Silouan stierf in het jaar 1938. In 1988 werd hij officeel bijgeschreven in de Canon der heiligen van de Orthodoxe Kerk. Zijn feestdag wordt gevierd op de 24e september volgens de huidige civiele kalender (dit is 11 september volgens de Oude Juliaanse Kalender, 24 september volgens de zgn. Nieuwe Kalender), de dag van zijn overgaan tot het eeuwige leven.

Heilige starets Silouan, bid God voor ons!

+

Bovenstaande details zijn m.n. ontleend
aan “Weest ook gij uitgebreid” (hfst.1)

MH logo & site design © A. Arnold-Lyklema  

Heaven and earth shall pass away: but MY WORDS shall not pass away. De hemel en de aarde zullen voorbijgaan, doch MIJN WOORDEN zullen niet voorbijgaan. + Mk.13:31